HiiL in the news

HiiL featured in an article by NRC Handlesblad in the Netherlands during February 2014. Article in Dutch.

Hoe krijg je meer uitspraken van rechters voor hetzelfde geld?

Vorige week gaf ik hier de massieve kritiek weer die experts hebben op de bescherming van de rechtsstaat door dit kabinet. Volgende maand debatteert de senaat erover. Tijdens de hoorzitting werd er scherp en kritisch gesproken, met mooie voorbeelden - en het was dus ook fijn opschrijven. Maar toen ik het in de krant teruglas, had ik er geen zin meer in.

Wat zijn we het weer met elkaar eens. Niemand had een hint van een oplossing of een nieuw idee. Behalve dan ‘pas toch op’ en blijf van onze centen af. In blogs en op Twitter was de ontvangst sceptisch: predikers voor eigen parochie, tobbers, een besloten feestje. Helemaal niet gek dat Opstelten en Teeven daar eens flink aan de luiken rammelen. De juridische beroepsgroep zit in het defensief. En dat moedig ik nog aan ook met een empathisch stukje.

De echte vraag is natuurlijk - en wat nu? Iemand enig idee? Hoe verbeter je toegang tot het recht zonder dat de rechter overbelast raakt? Hoe houden we de rechtsstaat bestuurbaar, betaalbaar en productief bij teruglopende budgetten? Nu gebeurt er wel iets aan onderzoek en ontwikkeling. Onlangs is de eerste digitale zaak voor de e-kantonrechter gebracht. Er staat een radicaal nieuw internetproces voor de burenrechter in de wacht. Ook worden er eenvormige digitale procedures voor civiel- en bestuursrecht voorbereid, die de burger zelf via internet kan starten.

De rechtspraak wordt eindelijk gedigitaliseerd - de burger zal toegang tot de rechter krijgen net als tot het reisbureau en de bank. Ook omdat het goedkoper moet. Geldgebrek lijkt de komende jaren permanent, terwijl de vraag niet kleiner wordt. ‘De Rechtsstaat’ is dus niet alleen een deftige kwestie over competenties en de trias politica. Maar ook een bestuurlijk probleem, en niet zo’n kleintje. Behalve door de Hoge Raad had de senaat zich beter ook door McKinsey kunnen laten inlichten. Het zal de komende jaren over vraag en aanbod gaan. Over communicatie met de markt en verantwoording aan de burger. Alles met behoud van Montesquieu.

Nu bestaat er in Den Haag het HiiL, een kenniscentrum over rechtspraakinnovatie, dat eind december de toekomst in kaart bracht. ‘Releasing the value of courts’ vat wereldwijde ervaringen met het vernieuwen van de rechtsstaat onder bezuinigingsdruk samen. Overwerkte rechters, dichtgeslibde rechtbanken, niet te bedaren slachtoffers, oprukkend management, overproductie van regels, over gecompliceerde dossiers en druk uit media en politiek - het blijken universele verschijnselen.

De recepten klinken niet onbekend. Neem voortaan kortere, mondelinge of voorlopige beslissingen, eerder in het proces. Maak beheer regels strenger: minder uitstel, meer fatale termijnen, meer regiebevoegdheden voor de rechter. Vergeet niet te ‘blitzen’: met aparte teams regelmatig de ‘plankzaken’ opruimen. Het publiceren van individuele prestaties van rechters werkt ook positief. Zo ontstaan van onderop informele productienormen.

Er zijn elders al rechtbanken die publiekelijk ‘gescoord’ worden op toegang, snelheid en bejegening. De behandeltijden zijn bekend, de leeftijd van zaken, de termijnoverschrijdingen, de kwaliteit van de dossiers, de tevredenheid van de deelnemers en de kostenefficiĆ«ntie. In de VS worden rechtbanken op internet net zo gerecenseerd als restaurants.

Digitalisering levert ook antwoorden op vragen die nooit waren gesteld. Dankzij datamining kan publiek worden hoe vaak rechters toe- of afwijzen, wie er boven of beneden het gemiddelde straft, wie er veel zaken aankan en wie vaak wordt gewraakt. In veel landen worden ‘publieksvisitaties’ gehouden, waarbij zittingen worden beoordeeld. Hoe past rechter X procedures toe; kan rechter Y de wet goed uitleggen? Binnenkort zijn er court-apps voor tablet en smartphone te verwachten, waarmee rechtbanken worden beoordeeld.

Interessant is ook de internationale ervaring met innovatie. Budgetten verhogen blijkt geen zin te hebben. Rechters hebben andere prikkels nodig om beter te werken. Bijvoorbeeld van hun professionele trots: een betere publieke verantwoording speelt daarop in. Overheden doen er goed aan zich juist niet op het opnieuw ontwerpen of digitaliseren van bestaande regels te storten. Dat leidt niet tot lagere kosten, betere toegang of hogere productie. Duitse rechters zagen al weinig heil in traditioneel zaaksmanagement, maar dan in miniatuur, op Ipads.

Het Hiil rapport beveelt dat aan wat voor juristen het moeilijkst is: laat alle regels en vaste gebruiken los, analyseer eerst het probleem, experimenteer met oplossingen en stel standaardiseren uit. In de gezondheidszorg dicteert de directie ook geen nieuwe therapie van bovenaf. Stimuleer de werkvloer om aan productontwikkeling en trial and error te doen. Nodig samenwerkingspartners uit, oriĆ«nteer je op de burgers of bedrijven en ga nieuwe dingen doen. Specialiseren is een goed idee mits het leidt tot schaalvoordelen. De paradox van dit alles is dat het resultaat pervers kan zijn. Naarmate rechtbanken toegankelijker en productiever worden, zal de markt meer zaken aanbieden. Met als resultaat nieuwe achterstanden, geldtekort en blijvend ongemak. Op succesvol innoveren staat straf: een beetje rechtbankpresident doet er goed aan de toegang tot de rechter niet te makkelijk te maken. Dat leidt tot meer werk en kost dus geld. Behalve de financiering moet dus ook de strategie op de schop. Welk aandeel in de ‘geschillenmarkt’ wil de rechtspraak hebben?

Enfin, ik kan het hier niet helemaal samenvatten. Maar de sleutel naar een betere toegang zit ook in een radicale verhuizing naar internet: online rechtsbedeling in een eenvoudiger, advocatenvrij format. Geweldig rapportje. Eindelijk lucht, als je maar de luiken openzet.

Folkert Jensma
NRC Handelsblad
15 February 2014